Helaas kampen vele jonge mensen met psychische problemen. 'Psychosociale' assistentiehonden kunnen hier bijzonder veel betekenen voor deze mensen.
Zo'n hond is quasi constant bij z'n baas. Dat geeft hen een gevoel van nabijheid en veiligheid dat ze vaak heel erg nodig hebben. Bovendien leert een psy-assistentiehond te reageren en te anticiperen op de problematiek van z'n baas, waardoor die dat beter kan controleren. Bijvoorbeeld: de hond ruikt/voelt een paniekaanval komen, signaleert z'n baas, waarop die dan actie kan ondernemen om de aanval af te wenden. Als die dan toch doorzet haalt de hond de baas uit z'n paniek.
Concreet betekent dit voor die jongeren dat ze weer met wat zelfvertrouwen naar buiten kunnen, naar school, naar het werk. Ze kunnen weer, zij het soms beperkt, deelnemen aan de samenleving. Ze leren ongedwongen, liefdevol en verantwoordelijk om te gaan met een wezen dat er onvoorwaardelijk is, hen geen vragen stelt, alleen goede zorg nodig heeft.
Onderzoek van de Universiteit Groningen wees uit dat deze mensen veel minder of niet meer in de psychiatrie terechtkomen. In een overbelast zorglandschap is dat een win.
Niet zo heel veel mensen kennen de kracht van psychosociale honden. Dat willen Hilde en Anita graag bekender en zichtbaarder maken door de verhalen van die mensen, de ongemeen interessante wetenschap rond het hondenbrein en de plek die zij in een zorgaanbod kunnen innemen, in een boek te gieten. Een mooi en aaibaar boek, boordevol ontroerende, praktische en interessante lectuur en sprekende foto's.