In dit diepgaande onderzoek volgt een team van journalisten uit België en Nederland de ondoorzichtige en uitbuitende migratieroutes die Centraal-Aziatische arbeiders gebruiken om West-Europa te bereiken. Velen worden gelokt door valse vacatures op Telegram of Facebook, betalen duizenden euro's voor visa en worden vervolgens ingezet in de schaduweconomie van Europa.
Het onderzoek volgt de persoonlijke verhalen van Oezbeekse migranten zoals Fedya, Rasul, Ina en Timur en onthult een patroon van misleiding, uitbuiting en falend beleid. Het legt bloot hoe EU-regels inzake het vrije verkeer van diensten worden misbruikt om arbeidsbescherming te omzeilen en hoe nationale hardhandige maatregelen averechts werken en mensen nog dieper in illegaliteit en onzekerheid duwen.
Centraal in het onderzoek staat een cruciale vraag: hoe effectief zijn nationale en EU-wetgeving in het beschermen van zogenaamde “onderdanen van derde landen” tegen uitbuiting?
Uit interviews met migranten, deskundigen, onderzoekers en werkgevers blijkt dat er een groeiend systeem van arbeidsbemiddeling bestaat, waarbij ketens van onderaannemers en tussenpersonen profiteren terwijl ze de verantwoordelijkheid afschuiven. Het onderzoek werpt ook licht op de veerkracht van veel van deze migrerende werknemers, die proberen oplichting te vermijden, elkaar online waarschuwen en zich een weg banen door een systeem dat tegen hen is gekant.
Foto: Het Oezbeekse restaurant Guzar, in een voorstad van Warschau. Hier wordt traditionele Oezbeekse gerechten bereid. Het is een ontmoetingsplaats voor Oezbeekse en andere Centraal-Aziatische migrantenarbeiders in Polen. — © Hester den Boer